De freinettechnieken ...

Onderwijs dat vertrekt vanuit de ervaringen en belevingen van de kinderen verhoogt hun betrokkenheid en interesse. Deze interesse wordt nog versterkt door aandacht te hebben voor het welbevinden en de medeverantwoordelijkheid in de klas. Freinet ondervond dat dit betere resultaten opleverde, wat intussen ook wetenschappelijk bewezen is.

Omdat de gangbare leermethodes in die tijd veraf stonden van de leefwereld van de kinderen, paste Freinet stap voor stap een eigen aanpak en technieken toe. Een nieuwe techniek was dikwijls het logische gevolg van de vorige. Zo ontstond er een duidelijk verband tussen de verschillende freinettechnieken. Taal, rekenen, aardrijkskunde, geschiedenis, atelier, … alles had met alles te maken en bood een zinvolle context aan de kinderen: het ging over hun eigen belevenissen.

Tijden en inzichten veranderen. Zij het aangepast aan de huidige pedagogische inzichten bewijzen de freinettechnieken nog altijd hun deugdelijkheid.

In de Step werken wij met een aantal technieken op de volgende manier:

Praatronde (en andere rondes)
Elke dag starten we met een praatronde of een andere ronde (zie verder). Wegens organisatorische redenen kan dit in sommige klassen anders zijn of op een ander moment doorgaan.
De praatronde gaat door in ‘de praatronde’ (zoals wij de plaats nu ook noemen), een gezellige hoek waar we in een kring zitten en die in iedere klas aanwezig is. Hier worden alle belangrijke gesprekken gevoerd, afspraken gemaakt, week- en dagplanningen gemaakt en overlopen. Hier zijn ook alle belangrijke middelen voorhanden om de organisatie van het hele klasgebeuren in goede banen te leiden. (Praatrondeschrift, klassen- en kinderraadschriftjes, kalender, weekschema, onthoudbord, takenlijst enz.)
 
Tijdens de praatronde zelf kunnen de kinderen hun ervaringen en belevenissen aan elkaar vertellen en er eventueel dingen bij tonen. Dit gebeurt op een georganiseerde manier met afspraken die samen met de kinderen op voorhand zijn vastgelegd. 
In de hogere graden gaat de praatronde veel verder dan het vrijblijvende vertelmoment. Regelmatig komen er discussiemomenten en diepgaander gesprekken aan bod.
Er kan ook gerichter worden gewerkt. Zo kunnen er verschillende soorten rondes ontstaan, zoals expressieronde, actuaronde, natuurronde, schrijfronde, vragenronde, enz. We zien er wel op toe dat kinderen steeds de gelegenheid krijgen om hun zegje over gelijk welk onderwerp te doen.

Natuurlijk leren lezen, in combinatie met een zelfstandige leermethode
In de Step hebben we gekozen voor de natuurlijke weg en vanaf de lagere school in combinatie met een zelfstandige leermethode.
Taal is een groeiproces dat al begint in de prille levensjaren. Kinderen ondervinden gaandeweg dat woorden een betekenis hebben, dat zij gevoelens en boodschappen kunnen uitdrukken met taal. Kortom, door taal leren ze communiceren. De ontdekking van beeld, spraak en schrift gaan daarbij hand in hand.
Het natuurlijk leren lezen is op dit groeiproces van kinderen  gebaseerd.
Leren lezen gebeurt adhv de taal en later de woorden, zinnen en de teksten van het kind zelf. Vanuit hun ervaringswereld leren zij de betekenis van letters, woorden en zinnen kennen in zinvol verband.
Omdat we van mening zijn dat een bepaalde structuur als basis voor de taalontwikkeling nodig is vanaf de lagere school, gebruiken we naast de eigen inbreng van de kinderen ook een leermethode. Die bestaat uit materiaal van ‘Leeslijn’, waarbij de kinderen op eigen tempo leren lezen. Dit geheel wordt aangevuld met eigen pakketten en werkblaadjes waarmee kinderen de letters, woorden verder op eigen niveau en tempo kunnen leren. Door de integratie van de woordenschat uit de eigen leefwereld van de kinderen (materiaal uit praatronde, vrije teksten, teksten van project enz.) blijven betekenisvolle inhoud en technische instructie met elkaar verweven.
De leerkracht krijgt op deze manier een goed zicht op het niveau van ieder kind, waardoor meer gerichte differentiatie mogelijk is. Eventuele problemen worden ook vlugger vastgesteld.

Vrije tekening/vrije tekst
Vrije teksten of tekeningen zijn een schriftelijke weergave van eigen gevoelens, gedachten, fantasie of een neerslag van een gebeurtenis, uitstap of activiteit.  Het onderwerp van een vrije tekst of tekening komt meestal vanuit de kinderen zelf. Zo ervaren kinderen dat schrijven of tekenen echt plezierig kan zijn. 
Vrije teksten worden ook gebruikt als communicatiemiddel.  Kinderen leren dus genieten van tekeningen of teksten van zichzelf en andere kinderen.
Binnen deze herhaalde ervaringen zullen kinderen ook vaststellen dat we over een rijke taal beschikken, bv. synoniemen, spreekwoorden, een spellingsmoeilijkheid, hoofdletters...
We kunnen na een tijdje de teksten gaan indelen in soorten.  Waarom maken we die indeling?  Voor wie is deze tekst geschreven?  Wat was de bedoeling van de schrijver?  In hoeverre is de lay-out bepalend bij een tekst?
We gaan teksten samen bespreken of we gebruiken de teksten voor het aanbrengen van zinsleer of woordleer. 
Willen de kinderen dat de anderen hun boodschap verstaan, dan zullen ze er ook voor moeten zorgen dat de boodschap zonder fouten wordt overgebracht.  Zo willen we dat de kinderen de attitude verwerven om een tekst foutloos naar anderen over te brengen.
Teksten kunnen worden voorgelezen, in een klas- of schoolkrant gebruikt worden, aan elkaar gegeven worden, voor correspondentie gebruikt geworden, om een eigen teksten- of gedichtenbundel te maken enz.

 
Weekplanning / werken met werkplan
Reeds bij de jongste kleuterklas wordt via het klassikaal weekschema de organisatie van het leven en werken in de klas duidelijk gepland. Zowel kinderen als leerkrachten hebben hier houvast aan.
Vanaf de oudste kleuters wordt er gewerkt met een werkplan. Hierop staan activiteiten en opdrachten (taal, rekenen, puzzelen, spelletjes, projectopdrachten enz.) vermeld die tijdens een bepaalde periode zullen plaatsvinden of afgewerkt moeten worden. Dit wordt stilaan opgebouwd en uitgebreid naar de hogere jaren toe. Afspraken (o.a. over de symbolen) worden over de verschillende graden heen gemaakt. De manier van werken wordt aangepast aan de leeftijd van de kinderen en indien nodig aan hun mogelijkheden.
Wat we vooral willen bereiken is dat kinderen van jongs af aan zelfstandig leren werken en plannen en de verantwoordelijkheid voor hun werken stilaan zelf opnemen.  We streven ernaar dat de kinderen zoveel mogelijk aan hun eigen tempo en niveau kunnen werken, voor zover dit natuurlijk mogelijk is in een klasgroep.
Het werkplan is een middel om de kinderen bij het zelfstandig werken te begeleiden, het mag zeker geen doel op zich worden. Het biedt een houvast, een duidelijk overzicht en een controlemiddel voor de kinderen zelf en voor de leerkracht (leren leren).

Klassenraad - kinderraad
School- en klastaken

Het coöperatief/democratisch overleg is één van de belangrijkste uitgangspunten van het freinetonderwijs. Kinderen hebben in overleg met de leerkrachten inbreng in het verloop van het onderwijs. Samen geven zij vorm aan de schoolcultuur.
De Step is een plaats waar we met zijn allen samenleven. ‘Samen leven’ komt er op neer dat iedereen zijn steentje bijdraagt in het huishouden: op klas- en schoolniveau.
In de klas komen we door overleg en ervaring tot een lijst van afspraken en taken die nodig zijn om de ruimte gezellig en leefbaar te maken. Daar horen o.a. de klastaken bij: vb. klas borstelen, planten water geven, boekenkast opruimen enz. Belangrijk is dat de kinderen het nut van die taken en afspraken inzien en ervaren, om zo op een natuurlijke manier gemotiveerd te raken om verantwoordelijkheid op te nemen.
Een gelijklopende redenering gaat op voor de afspraken en taken op schoolniveau. Om als één groep samen te leven in de Step is het belangrijk om gezamenlijk afspraken te maken en gedeeld engagement hiervoor op te nemen vb. speelplaatsopruim enz.
‘Samenspeelregels’ worden voor en door de kinderen besproken.
De klassenraad: (elke week op een vast moment per klas) en de kinderraad (elke maand, met 2 afgevaardigden per klas en de coördinator) zijn hiervoor ideale overleginstrumenten.


Project  -  Persoonlijk werkstuk
Via projectwerking willen we dat de kinderen op een creatieve en interactieve manier de eigen leefwereld (en ook de ruimere wereld) leren kennen, beleven, verder uitdiepen en in de mate van het mogelijke begrijpen en verwerken.
Projecten kunnen tot stand komen vanuit de praatronde, vanuit spel, vanuit meegebrachte spullen, vanuit activiteiten enz. Interesses, vragen enz. die intens bij een groep leven zijn het uitgangspunt om samen allerlei activiteiten rond een bepaald onderwerp te organiseren. Het kan gaan om langer lopende klasprojecten en schoolprojecten, maar ook om dagprojecten, waarbij gedurende een korte periode rond een bepaald onderwerp gewerkt wordt. Er wordt samen gepland, georganiseerd, uitgewerkt, op onderzoek of uitstap gegaan enz.
Een afsluiting van een project kan op verschillende manieren gebeuren: een voorstelling, een tentoonstelling, een klassenkrant, een activiteit enz. waarbij meestal ouders, andere klassen uitgenodigd worden.

Persoonlijk werkstuk (PW) is eigenlijk een project van één of twee kinderen. De kinderen kiezen samen (of alleen) een onderwerp dat hen interesseert en waarover ze willen bijleren. Adhv. een stappenplan werken ze een PW verder uit en brengen het op een creatieve manier over naar de klas. Ook hier zijn de ouders uitgenodigd om deel te nemen.

Bij deze technieken wordt een zeer ruime waaier van vaardigheden ontwikkeld op verschillende vlakken (o.a. samenwerken, leren kiezen, zelfstandig werken, opzoeken, initiatief nemen, presenteren aan een groep, evalueren, teksten schrijven en lezen, afwerken, expressiviteit enz.)

Levend rekenen
In de dagelijkse klaswerking komen vele spontane rekensituaties aan bod, vb. aantal ronden gelopen, schoenmaten vergelijken, afstanden berekenen, kosten na of voor een uitstap enz. Door hiermee aan de slag te gaan worden kinderen gestimuleerd om op een gemotiveerde manier bezig te zijn met realistisch en vooral functioneel rekenen.
Ook hier kiezen we ervoor om dit samen te laten gaan met een gestructureerde leermethode vanaf de lagere school. Belangrijk hierbij is een gezond evenwicht te vinden tussen levend rekenen en een gestructureerde opbouw en dit zoveel mogelijk te integreren.

Ateliers
Expressief bezig zijn en jezelf kunnen uiten kan op verschillende manieren. Dit kan via woord, beeld, dans, muziek enz. We bieden in de Step heel wat mogelijkheden om op een expressieve manier bezig te zijn. Dit kan tijdens projectvoorstellingen, diverse rondes en andere activiteiten.
In De Step houden we ook kiesklassen.  Dit zijn klasdoorbrekende ateliers waarbij kinderen van verschillende leeftijden en klassen door elkaar zitten (met de kinderen van de hele school of enkel met kleuters of per graad enz.)